Wil uw kind niet prikken?

Als uw kind niet wil prikken, is het belangrijk om de oorzaak hiervan proberen te achterhalen. Vervolgens kunt u op de angst of weerstand inspringen met hieronder gegeven adviezen en tips om uw kind te helpen.

Wat is prikangst en prikweerstand?
Hoe gaat u ermee om?
Hoe kan ik mijn kind helpen?
Als het niet beter gaat


Wat is prikangst en prikweerstand?

Het verschil tussen prikangst en prikweerstand zit vooral in de oorzaak van het verzet tegen de prik. Bij prikangst is het kind echt bang voor de prik zelf, bijvoorbeeld de naald en het idee dat het zeer doet. Bij prikweerstand wordt het verzet vaak niet zozeer veroorzaakt door de prik of naald zelf, maar door alles eromheen.

Prikweerstand bij kinderen

Prikweerstand kan verschillende oorzaken hebben en soms is het lastig te achterhalen waarom uw kind last heeft van prikweerstand. Veelvoorkomende oorzaken zijn:

  • Vreemde mensen/plekken (zoals het ziekenhuis)
  • De druk van een succesvolle behandeling
  • Ongeduld en irritatie (bij zowel kind, ouder als zorgverlener)
  • Acceptatieproblemen van ziekte en/of behandeling bij ouder of kind, of niet begrijpen van het “hoe en waarom”
  • Het gevoel dat de behandeling wordt opgedrongen

 

Al deze (en andere) oorzaken kunnen ertoe leiden dat uw kind niet meer wil prikken, vooral als het prikken door het onderdrukken van de weerstand steeds vervelender wordt. Sowieso zijn kinderen angstiger voor prikken en naalden dan volwassenen en vinden ze de prik ook vaker pijnlijk. Dit alles bij elkaar genomen kan uiteindelijk leiden tot negatieve emoties en gedragsmoeilijkheden bij uw kind.

 

Wist u dat... bijna twee vijfde van de Nederlandse kinderen bang is voor naalden?

Prikangst bij kinderen

Prikangst is echt angst voor een medische handeling waarbij een naald gebruikt wordt om te prikken. Soms is de angst enkel voor een bepaalde handeling, zoals bloed afnemen of het injecteren van vloeistof, zoals bij een vaccinatie, maar soms kan ook het doorprikken van een blaar dezelfde angst opwekken.

Prikangst kan toenemen en afnemen door verschillende oorzaken die voor bijna iedereen gelden:

Prikangst neemt af door:

  • Routine met de medische handeling
  • Vertrouwen in / bekendheid met de zorgverlener
  • Meer kennis over de aandoening en behandeling
  • Meer verantwoordelijkheidsgevoel over het eigen welzijn.
  • Gevoel van controle over de medische behandeling en eigen symptomen.

Prikangst neemt toe door:

  • Misprikken, bijvoorbeeld door moeilijk aan te prikken vaten of verkeerde techniek.
  • Vasthouden door meerdere personen.
  • Niet gehoord worden door de zorgverlener (die niet luistert of overlegt)
  • Negatief gevolg van prikken zoals: pijn door misprikken of een allergische reactie op medicatie.
  • Duur van de behandeling.

 

Lees ook het verhaal van Boris, bij wie de prikangst zo erg werd dat zijn ouders tijdelijk besloten te stoppen met de behandeling.


Hoe gaat u ermee om?

De oorzaak van prikangst en prikweerstand kan per kind verschillen en ook hoe het kind dit uit. Ook is van te voren niet te zeggen welke aanpak uw kind het beste kan helpen om de weerstand of prikangst te overwinnen. U kent uw eigen kind natuurlijk het beste. Het is dan ook aan u om te bepalen met welke adviezen op deze website u het beste aan de slag kunt gaan.

Als u weet waar de prikweerstand van uw kind vandaan komt is het handig om daar aandacht aan te besteden, bijvoorbeeld door het geven van meer of juist minder uitleg. Het belonen als het goed gaat, het kind afleiden en het zoeken van ontspanning zijn technieken die zowel bij prikweerstand als prikangst effectief zijn. Ook de leeftijd speelt hierbij een rol: een kind van 2 kunt u niet op dezelfde wijze benaderen als een kind van 10. In het stuk hieronder worden twee verschillende leeftijdscategorieën onderscheiden: Kleuters (4-6 jr) en Basisschoolkinderen (6-12). Voor elke categorie zijn verschillende kenmerken aangegeven en manieren om met prikangst en prikweerstand om te gaan.

De kleuterperiode (4-6 jaar)

Kleuters zijn heel leergierig en de vraag ‘waarom?’ zal dan ook regelmatig voorbijkomen. U kunt u hier gebruik van maken door op een eerlijke en eenvoudige manier uitleg te geven over de ziekte en behandeling van uw kind. Denk er wel aan dat een kleuter een grote fantasie heeft en moeite heeft deze fantasieën van de realiteit te scheiden. Maak dus geen vergelijkingen met kabouters die uw kind helpen groeien, want dat kan verwarrend en soms zelfs beangstigend zijn. Leg wel zoveel mogelijk uit door bijvoorbeeld medische hulpmiddelen aan uw kind te laten zien en uitleg te geven over wat uw kind hoort, proeft, voelt, ruikt of ziet. Als uw kind wil helpen bij de handeling, laat dit dan zoveel mogelijk toe. Verder is het belangrijk dat u bij een misverstand meteen uitlegt hoe het echt zit en benadrukt dat de ziekte en behandeling niet bedoeld zijn om uw kind te straffen. De volgende handelingen kunnen uw kleuter helpen bij het omgaan met de pijn tijdens de prik:

  • Humor en grapjes
  • Zachte muziek
  • Tellen en rijmen
  • (Voorlees)boekjes
  • Complimenten
  • Knuffelen
  • Bellenblaas
  • Eigen favoriete speelgoed en knuffel
  • Zingen
  • (Teken)filmpjes
  • Zorgen voor comfortabele houding

De schoolperiode (6-12 jaar)

Kinderen op de basisschool zijn voortdurend aan het leren en worden steeds verantwoordelijker en zelfstandiger. Toch hebben ze nog veel behoefte aan de veiligheid en geborgenheid van hun ouders, en tegelijkertijd willen ze graag ‘ergens bij horen’ en vergelijken ze zich met andere kinderen. Al deze kenmerken spelen een rol bij de behandeling met groeihormoon. Zo kunnen kinderen in deze leeftijd helpen bij bepaalde onderdelen van het geven van de prik. Zo doet u een beroep te doen op hun zelfstandigheid. Ook lotgenotencontact wordt steeds belangrijker, zodat uw kind ziet dat er ook andere kinderen zijn die ‘anders’ zijn, maar de eigenheid van uw kind staat hierbij nog steeds voorop. Omdat uw kind nu ouder is en meer begrijpt, kunt u nog specifieker uitleggen hoe het lichaam of een bepaald deel van dat lichaam werkt.

De volgende handelingen kunnen uw kind helpen bij het omgaan met de pijn tijdens de prik:

  • Humor en grapjes
  • Zachte muziek
  • Complimenten
  • Computerspelletjes
  • Geleide fantasie
  • Ademhalingsoefeningen
  • Eigen favoriete speelgoed en knuffel
  • Zingen
  • Fantaseren
  • (Teken)filmpjes
  • Zorgen voor een comfortabele houding

Hoe kan ik mijn kind helpen?

Er zijn verschillende manier om met prikangst en prikweerstand om te gaan. Zo kan het helpen om uw kind te belonen als het prikken goed gaat. Ook afleiding en ontspanning kunnen helpen. In dit hoofdstuk vindt u praktische werkdocumenten, die u stap-voor-stap uitleggen hoe u en uw kind samen aan de slag kunnen om de prikangst of prikweerstand te overwinnen. Ook kunt u een video bekijken waarin een van de afleidingstechnieken wordt toegepast.

Belonen

Hieronder kunt u een document downloaden waarin alles staat over hoe belonen werkt, hoe u zelf aan de slag kunt en waar u rekening mee moet houden.

Download het werkdocument: Belonen

Afleiding en ontspanning

Een andere manier om met prikweerstand en prikangst om te gaan is afleiden en ontspannen. Hier zijn verschillende technieken voor. Het werkdocument dat u kunt downloaden vertelt u precies hoe u hiermee aan de slag kunt. In het filmpje kunt u kijken hoe bij Loek de techniek van ‘geleide fantasie’ wordt toegepast.

Download het werkdocument: Afleiding en ontspanning

Bekijk de videos over ontspanning, afleiding met fantasie en afleiding met materialen.

Bekijk het verhaal van Vicky - Zij gebruikt ademhalings oefeningen om het groeihormoon zonder zenuwen toe te dienen Bekijk het verhaal van Loek - Door hem af te leiden met een fantasieverhaal kunnen zijn ouders zonder probleem het groeihormoon toedienen Bekijk het verhaal van Loek - Door hem met speelgoed af te leiden kunnen zijn ouders zonder probleem het groeihormoon toedienen

 

 

 

 

 

Wilt u meer weten over geleide fantasie of deze techniek zelf gebruiken? Hier kunt u het hele verhaal van de waterglijbaan lezen.

Inleving via spel

Een bijzondere manier om samen met uw kind kritisch te kijken naar zijn of haar prikangst of prikweerstand is door inleving via spel.
Als uw kind keer op keer bepaald gedrag vertoont, speel de situatie dan eens na. Maar dan met omgekeerde rollen. U speelt uw kind en uw kind speelt de ouder. Zo kan uw kind zich verplaatsen en kunt u zien hoe uw kind het prikken ervaart.

Voorbeeld: Een spelmoment met Quinten van 6 jaar

Quinten speelt de moeder. De moeder moet de handeling ondergaan die Quinten elke dag ondergaat: groeihormoon toedienen. De moeder speelt eerst een kind dat netjes meewerkt. Quinten doet de handelingen routineus maar zonder medeleven met het (gespeelde) kind.

Zelf werkt Quinten nooit zo goed mee tijdens het toedienen van het groeihormoon. Ze spelen het nogmaals. Moeder verandert haar rol en speelt het gedrag na dat Quinten ook laat zien: wiebelen en de handen wegduwen van moeder. Quinten (in de rol van moeder)wordt hierop zeer ongeduldig en hardhandig en zegt: “Zo kan ik het niet doen“. Quinten heeft zo kunnen ervaren welk effect zijn eigen gedrag heeft en wat dit betekent voor zijn moeder.

Als kind maar zeker ook als puber of jong volwassene heb je soms een extra zetje nodig, voordat je vertelt hoe het echt met je gaat.


Als het niet beter gaat

Af en toe een lastige toediening hoort er helaas een beetje bij, maar wanneer wordt het problematisch en wanneer trekt u aan de bel? In het document alarmbellen [nog in behandeling] kunt u een aantal aanwijzingen voor een negatieve spiraal vinden en een methode om te bepalen of het verstandig is om hulp in te schakelen.

Wist u dat... bijna de helft van de mensen die voor langere tijd medicijnen gebruikt via infuus of injectie dit alleen doet omdat er op dit momebnt geen alternatieve toedieningswijze is?